
Voor vertrek vanuit Vlissingen, leek het me ( toegegeven: láng over nagedacht) echt een weergaloos logistiek systeem, om alle proviand dusdanig te verdelen over de kasten, dat je met één willekeurige greep in élke willekeurige kast, een complete, voedzame én vooral verrassende maaltijd zou kunnen fixen. Ja, als ik erover nadenk dan word ik eigenlijk nog steeds gewoon een beetje opgewonden van zo’n briljant systeem. Ok, misschien sloeg het wat door: 2 gaten in elke kastdeur waar je dan je handen doorheen kan steken als een soort grabbelton; zo’n harige brievenbus-binnenvacht erachter om de spanning op te voeren en voor het sensitieve aspect. Jaha, zó zou koken nog best weleens interessánt kunnen worden. Hóge endorfine-pieken; ik werd orgastisch enthousiast!!

Ok: ik weet dat ik al jaren uit enigerlei keuken en kombuis geweerd of verstoten ben om de mensheid te behoeden voor culinaire uitroeiing. Toegegeven: de kinderen noemen me altijd ‘onze keukenheks’ of ‘ons kruidenvrouwtje’ en konden eerder koken dan lopen. Óók mijn culinaire motto: ‘ Shock The System’, een soort ‘fusioncooking’ van wat er in de koelkast groeit gecombineerd met allerhande vondsten binnens- en buitenshuis, heeft nog nog geen krankzinnige aanhang opgeleverd. Maar tóch verraste het me dan toch weer dat ons kombuisteam, gedreven door een recept, in volslagen wanhoop krauwend door de kasten ging, in volledige afhankelijkheid van het vinden van één bepaald (in mijn ogen volslágen onbelangrijk) product, zoals een pakje spaghetti voor de pasta. Afijn, kombuisteam in wanhoop; muiterij op de Bounty…

Bewapend met pen en gele briefjes, trokken Dagmar en ik ten strijde om deze crisis de kop in te drukken. Bij ruim 35 graden binnen, met het schuim in het kruis, werd er uitgeruimd, gecatalogiseerd, gecategoriseerd, gestapeld, omgestoten, ingedeeld, afgekeurd, vervloekt en weer ingeruimd. Enorme dilemma’s passeerden de revue: horen rookworsten in de categorie “ruige-zee-voedsel of ” worstachtigen”. Met het puntje van haar tong uit haar mond schreef Dagmar uiteindelijk nauwgezet wat voor categorie er in de desbetreffende kast ging op elk briefje en plakte dat erop.


Soms droom ik nog weleens van bami met suikerpinda’s. Of een lekkere augurkstampot. Maar dat is nu helaas verleden tijd. Wél heb ik nu gelukkig bedacht dat we – om te voorkomen dat dit heugelijke verrassingssysteem voorgoed verdwijnt, wat toch jammer voor de mensheid zou zijn -het aan boord toe kunnen passen op een ander vlak dat me nét zo na aan het hart ligt als het culinaire gebeuren:
KLEDING!
